
Milieueffecten vergistingsinstallatie Farmsum nog niet volledig in beeld
AlgemeenFARMSUM - De milieugevolgen van een geplande vergistingsinstallatie in Farmsum zijn nog onvoldoende onderzocht. De samenstelling van de mest en andere reststoffen die in de installatie worden verwerkt, moet nader worden beschreven. Ook de effecten op geur, stikstof, natuur en veiligheid zijn nog niet voldoende onderbouwd.
Dat schrijft de Commissie voor de milieueffectrapportage in een advies aan de provincie. De provincie had de commissie gevraagd het milieueffectrapport (MER) voor het project te beoordelen.
BIO LNG GSP B.V. wil op het bedrijventerrein van Groningen Seaports aan de Kloosterlaan in Farmsum een installatie bouwen voor de vergisting van mest en plantaardige reststoffen. Bij co-vergisting moet jaarlijks ongeveer 150 miljoen kubieke meter biogas worden geproduceerd.
Volgens de commissie beschrijft het MER verschillende mogelijkheden voor de bouw en exploitatie van de installatie, maar ontbreekt belangrijke informatie over de grondstoffen. De precieze samenstelling daarvan kan volgens de commissie bepalend zijn voor de milieueffecten.
Daarnaast moet beter worden gekeken naar mogelijke cumulatieve effecten. Op het bedrijventerrein zijn meerdere initiatieven ontwikkeld, waardoor de gevolgen van verschillende activiteiten gezamenlijk mogelijk groter zijn dan afzonderlijk in beeld is gebracht.
Ook de gevolgen voor geur, stikstof, natuur en veiligheid zijn volgens de commissie nog niet volledig onderzocht of onvoldoende onderbouwd. Verder mist de samenvatting van het MER enkele essentiële onderdelen. Dat is volgens de commissie van belang, omdat besluitvormers de samenvatting vaak als eerste lezen.
De commissie adviseert het rapport op deze punten aan te vullen. De provincie neemt het advies over. De initiatiefnemer moet het MER aanpassen, waarna het aangevulde rapport opnieuw aan de Commissie voor de milieueffectrapportage wordt voorgelegd.






