
Maasborg in tweeën gebouwd
AlgemeenDELFZIJL - In de analen van Scheepswerf Amels in Makkum werd in 1974 het historisch feit genoteerd dat er een schip in twee gedeelten werd gebouwd. Voor Friese scheepsbouwers was dit een vrij uniek gebeuren. Het voorschip werd gemaakt op de Scheepswerf Friesland in Lemmer, een zustermaatschappij van het Makkumer bedrijf, en het achterschip werd gebouwd in de bedrijfshal in Makkum. Nadat de voorsectie naar Makkum was gesleept, vond de assemblage in Makkum plaats, waarna aan de opbouw begonnen kon worden.
door Henk Zuur
Het schip, dat in opdracht voor rederij Wagenborg in Delfzijl werd gebouwd en als Maasborg in de vaart gebracht, werd speciaal uitgerust voor het houttransport. Wagenborg was voor Amels geen ‘kleine’ klant. Een hele vloot van vijfhonderd- en zevenhonderdvijftig tonners was er van de helling gegleden. De Maasborg was inmiddels het 28e schip op rij dat gebouwd werd voor de Delfzijlster rederij.
Tien miljoen gulden
Om open water te bereiken, moest de Maasborg via het IJsselmeer bij Amsterdam door de Oranjesluizen buitenom naar Harlingen. De scheepsbreedte van ‘dik’ vijftien meter liet een passage van de sluizen van Kornwerderzand niet toe.
Met de bouw van dit nieuwe vlaggenschip van Wagenborg was een investering gemoeid van tien miljoen gulden. Bij de overdracht op 5 oktober 1974 zei toenmalig directeur Bert Wagenborg: ,,Het in de vaart brengen van dit nieuwe schip is eigenlijk niets anders dan het in stand houden van onze vloot. Vlootvernieuwing is een continu-proces waarbij je duidelijk een schaalvergroting en modernisering constateert. De 500 tons coasters gaan er uit. Vandaag de dag, en gezien de vrachtenmarkten van de laatste jaren, zijn deze kustvaarders niet economisch meer.”
De Maasborg had een lengte over alles van 81,82 meter en een breedte van 15,27 meter, het laadvermogen was 3600 ton. In de machinekamer stonden twee 1300 PK Nohab dieselmotoren, die een snelheid leverden van 12 knopen. Door de lengtemaat van 74,25 meter behoorde dit schip nog tot de KHV (kleine handelsvaart), waardoor er gevaren mocht worden met een elfkoppige bemanning. ,,Vroeger had je met de kleine kustvaarders duidelijk het transport tot in kleine havens ver het land in; nu ze veel groter zijn geworden (de grens is verlegd van 500 bruto register ton naar de lengtemaat tot 75 meter) is dezelfde vervoersketen toch behouden, alleen breng je de lading nu niet meer voor de wal, maar per vrachtauto voor de deur en eventueel binnen die deuren…”, vervolgde Bert Wagenborg vijftig jaar geleden. Na een lange periode waarin er een te lage vrachtenmarkt was, had die markt een ten tijde van het in de vaart brengen van de Maasborg een redelijke hoogte bereikt. ,,De perspectieven voor de toekomst zijn goed maar de toekomst is natuurlijk altijd moeilijk voorspelbaar”, hield Bert Wagenborg een slag om de arm. ,,Ik denk dat wij ons voorlopig wel binnen de kustvaartgrenzen houden, maar we leggen ons daar niet bij voorbaat op vast…”.
Maatje groter
Samen met de heren Koop Wagenborg, de broers Willem en Egbert L. Vuursteen vormde Bert Wagenborg de uit vier directeuren bestaande top van Wagenborg Scheepvaart BV waar toentertijd vierhonderd mensen werk vonden: tweehonderd daarvan bevonden zich op de schepen, tachtig man kantoorpersoneel inclusief de bijkantoren Rotterdam, Amsterdam en Groningen, vijfenvijftig man passagiersdiensten (zouteveren op Borkum, Ameland en Schiermonnikoog) en de rest was chauffeurs, expeditiemedewerkers en sleepdienst.
Wagenborg Scheepvaart, dat zich ten behoeve van het ‘hout en zout’-transport helemaal op de Oostzeevaart had toegelegd, bestelde in 1975 bij Vuyk in Capelle aan den IJssel een ‘maatje groter’ dan de Maasborg. De 5030 ton grote houtjager Eemsborg werd 13 november 1976 in de vaart genomen, waarna bij Amels in Makkum het jaar daarop de kiel werd gelegd van de 5600 tonner Delfborg. Deze nieuwe serie houtjagers werd in 1982 en 1983 nog uitgebreid met de bij de Nieuwe Noord-Nederlandsche Scheepswerven te Groningen gebouwde bareboat charters Polarborg (3750 ton) en Lindeborg en Lenneborg (5400 ton).
Roemloos einde
In de jaren dat de Maasborg onder de Wagenborgvlag voer bleek het een voorbeeldig schip en deed waar ze voor gebouwd was: varen. Zonder naamswijziging werd de in het Limburgse Posterholt woonachtige kapitein Henk Smith in 1989 de nieuwe eigenaar van het schip. De vaste bevrachting bleef evenwel in handen van Wagenborg.
Vijf jaar werd de Nederlandse driekleur gestreken en vervangen door de Cambodjaanse vlag. Een in Phnom Penh gevestigde partij met een bevrachtingskantoor in Vladivostok had het schip gekocht en ging er als Silver Hope mee verder.
Het roemloos einde volgde tien jaar geleden. Op 20 februari 2015 werd het eertijdse vlaggenschip van Wagenborg in Chittagong in Bangladesh op het strand gezet en viel het ten prooi aan de slopershamer.








